maandag 9 november 2015

Een gans wil maar één ding...


Naar aanleiding van het vogelvrij zijn van ganzen in grote gebieden in Nederland, maak ik contact met de ganzen.

De ganzen laten zien dat ze erg moeten opletten.

Tegen geweren kunnen ze geen weerstand bieden. Ze weten niet wanneer de kogels waarvandaan komen. Het enige dat ze kunnen doen is opvliegen en wegwezen. Ik begrijp dat niet alle kogels doeltreffend zijn en dat er gewonde ganzen zijn.

De gehavende groep gaat verder.

Ganzen hebben rust nodig. Door het opvliegen, het waakzaam en in staat van alertheid zijn, verbruiken ze teveel energie. Dit geldt niet alleen voor jagers, maar ook voor mensen (met honden) die in de buurt komen.

De ganzen pakken hun leven wel weer op. Maar ze zijn opgefokt. Dat geeft steeds wat meer stress. Letterlijk een opgejaagd gevoel.

Wat ik begrijp, is dat het doodschieten van ganzen niet eens effectief is. Want de ganzen zorgen zelf voor aanvulling van de groep. Als dat niet meer gaat, is het desastreus voor de ganzen. Kennelijk moet er een bepaalde ganzenmassa zijn.

Ik vraag de ganzen hoe ze tegen deze schietproblematiek aan kijken en krijg een duidelijk antwoord terug: het tolerantie vraagstuk ligt bij de mensen, niet bij de ganzen.

Een gans wil maar één ding: gans zijn.

En dat ze goede plekken uitzoeken is heel logisch: het is behoud van de soort.

Overigens vinden de ganzen dat ze ook wat teruggeven, ze bemesten de grond.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen